018-3680680 | info-buildingholland@easyfairs.com | RAI Amsterdam | 27, 28 & 29 oktober 2020

Een ochtend lang circulariteit op nieuw online event Building Holland Digital

Eén van de voorwaarden op weg naar de door het Rijk gekozen ijkpunten is, volgens prof.dr. Elphi Nelissen van TU Eindhoven, wetgeving die niet knelt, maar stimuleert. Voor een alomvattend materialenpaspoort is het nog te vroeg, maar er komt wel onderzoek om daarmee aan de slag te kunnen gaan. Zij deed haar uitspraken op de eerste editie van Building Holland Digital 25 juni jl. De ochtend stond in het teken van Circulariteit. Building Holland werd gesecondeerd door Duurzaam Gebouwd en Cirkelstad als content partners.

aftermovie

Heel actueel en symbolisch – want digitaal – was een gebeurtenis tijdens de eerste presentatie van het plenaire programma, dat voor ruim vierhonderd bezoekers werd gehost door Building Holland, Duurzaam Gebouwd en Cirkelstad. Namens de laatste organisatie werd de green paper Samen Versnellen online aangeboden aan Elphi Nelissen, voorzitter van het Transitieteam Circulaire Bouweconomie. Daarbij riep Gertjan de Werk op om niet met nieuwe spelregels te komen, maar met een nieuw spel.

 

Eerst ging De Werk echter in op ‘belachelijk veel open deuren’ en fabels die drempels opwerpen. Zoals de aanbestedingswet, die veel meer ruimte biedt dan wordt genomen, aldus De Werk. “Of fouten maken met gemeenschapsgeld. Wees daar niet bang voor en creëer speelruimte om te experimenteren, want we moeten juist door fouten te maken van elkaar leren. Trap de open deuren in, ga aan de slag en dat doe je door samen te werken. Begin niet solo met een project, maar zoek samenwerking. Stap op een van de rijdende treinen die er al zijn en koppel er circulaire ambities aan vast, waar je zelf blij van wordt. Kies ook voor focus en dus voor een specifiek thema, zoals secundaire materialen, biobased bouwen of een extreem lage MPG.”

 

Drie van de zeven strategieën uit de genoemde paper Samen Versnellen (pdf):

  1. Uitvraag van ambitieuzere MPG of MKI dan de huidige normen;
  2. Samenwerking;wees niet bang om met de markt te praten;
  3. Samen leren en het nieuwe normaal bepalen.Gertjan

Losmaakbaarheid

Elphi Nelissen stipte vervolgens aan hoe groot de aanslag van de bouwsector is op zaken als grondstoffen en de energievoorraad. Wat we daaraan moeten doen? De strategie van haar transitieteam bestaat uit drie zaken:

  1. Gebouwen beter en aanpasbaar bouwen (en zo langer behouden en afval reduceren);
  2. Groene materialen gebruiken (biobased);
  3. Materialen uit sloop hergebruiken in zelfde sector.

Eén van de voorwaarden op weg naar de door het Rijk gekozen ijkpunten (in 2023, 2030 en 2050) is, volgens Nelissen, wetgeving die niet knelt, maar stimuleert. Voor een alomvattend materialenpaspoort is het nog te vroeg, maar er komt wel onderzoek om daarmee aan de slag te kunnen gaan. Verder moeten volgens haar aanvullende indicatoren aan een ‘MPG+’ worden toegevoegd, met daarbij ook het item losmaakbaarheid. In 2023 wil de overheid zo circulair mogelijk inkopen en daarbij hoort dan ook een vergelijkend meetinstrument, dat nog nader moet worden ingevuld, besloot Nelissen.

Elpi Nelissen plaatje

Grenzen opzoeken

Na deze eerste keynote volgde een vraaggesprek met Rutger Büch (Cirkelstad), Marije Kamphuijs (Van Wijnen) en Jurgen Schoenmakers (Dura Vermeer). Centraal stonden hun eigen ervaringen met circulariteit. Zo zorgde de evaluatie van het project Fijn Wonen ervoor dat er bij Van Wijnen een echte afdeling circulariteit kwam, aldus Kamphuijs. Schoenmakers had een heel andere ervaring, nadat hij vanuit renovatieprojecten allerlei materialen (brandwerende puien, tapijttegels, stoeltjes) wilde hergebruiken in de nieuwe eigen huisvesting. “Wellicht is het echter beter vraaggestuurd te verzamelen, want nu kwamen we materialen te kort of ze bleven juist over. Die inzet heeft echter wel het denken over circulariteit en de inkoop bevorderd.” Ook Kamphuijs leerde veel van projecten en koppelt successen juist aan het maken van veel fouten. “Als dat niet gebeurt, zoek je de grenzen niet voldoende op.”

Innovatieagenda en opschalen

Na deze marktpartijen kwamen ook de opdrachtgevers aan bod, in de persoon van Martine de Vaan (Rijksvastgoedbedrijf). Zij presenteerde de nieuwe Innovatieagenda van het RVB. Meer nog dan voorheen wil het RVB daarmee explicieter en uitnodigender aan de slag gaan. En dan niet per project pionieren, maar ook echt opschalen. Die vijf belangrijkste aspecten betreffen zaken als een productieve werkomgeving (met aandacht voor gezondheid en aanpasbaarheid), verduurzaming (energietransitie, circulariteit en grondstofgebruik) en de digitale transformatie. Dat laatste aspect heeft ook effect op de relatie met technologische dienstverleners, waarbij ze verwees naar de dag van vandaag en het houden van een webinar.

 

Natuurlijk hamerde De Vaan namens het RVB ook op het samenwerken à la de Marktvisie. Hoe je een goede samenwerking kunt borgen? Begin daar al mee in de aanbestedingsfase, aldus De Vaan, door bijvoorbeeld een crisissituatie te simuleren en te bekijken of er een goede match mogelijk is. Alle genoemde aspecten komen bovendien samen in Gebiedssamenwerking, betoogde De Vaan. Inclusief klimaatadaptatie en biodiversiteit. Als bijvoorbeeld (nieuwe) bomen met warmtenetten moeten worden verweven, is gebiedssamenwerking onontbeerlijk.

circulair ontwerpen

Bouwwaardemodel

In de laatste keynote liet architect Jack van der Palen zien hoe je, vóór het circulair bouwen, eerst circulair moet ontwerpen. Hij nam de betonsector als voorbeeld. Bij het ontwerpen van gebouwen wordt een hele reeks van keuzes gemaakt, zoals materiaal- en grondstoffenkeuzes, de keuze voor modulebouw en voor adaptief ontwerpen. Je kunt hiervoor het circulaire Bouwwaardemodel gebruiken, ontwikkeld met de partners van het Betonakkoord, maar ook toepasbaar in andere sectoren. Het Bouwwaardemodel maakt op uiterst systematische wijze duidelijk hoe je in de bouw waarde kunt toevoegen en behouden. En dat alles met als uitgangspunt: het optimaal gebruikmaken van de eigenschappen van materialen, aldus Van der Palen.

 

Er is hierbij geen sprake van een rekenmodule, maar wel van een handleiding voor de ontwikkel-, gebruiks- en hergebruiksfase. De bouwlagen-methodiek van Stewart Brand is hiervoor een belangrijk handvat, terwijl als vanzelf alle ketenpartners aan bod komen en samenwerken wordt gestimuleerd. De vele getoonde sheets gaven een fascinerend beeld van het model, met tal van dwarsverbanden en koppelkansen.


“Ontwerp een gebouw zodanig dat er na het eerste gebruik ook andere functies mogelijk zijn. Bouw simpeler en functievrij, met bijvoorbeeld een kolommenstructuur, dan kan een gebouw jaren blijven staan. Sloop een gebouw pas als je er totaal geen functies meer in kunt onderbrengen”, aldus Van der Palen, tijdens zijn uiterst gedetailleerde presentatie op het hoofdpodium van deze eerste, geslaagde editie van Building Holland Digital. 

Scroll naar top